Back to overview

De stem voor Palestina

Contributed by Toine Van Teeffelen on 30.11.2012:

30 November 2012

Toine van Teeffelen

Het is de dag van Palestina in de VN, 29 november, de dag van solidariteit met het

Palestijnse volk. Ik besluit me te schamen wanneer Nederland tegen zou stemmen. Het gebeurt niet, al scheelde het niet veel.

Mary en ik wandelen ‘s avonds naar de Muur rond het Graf van Rachel, waar een soort viering plaatsvindt. Er staan enkele honderden mensen te kijken naar filmbeelden van de VN in New York. Ze staan geprojecteerd op de grote ijzeren schuifpoort in de Muur naast de militaire wachttoren. Israelische soldaten kijken vanuit hun toren naar beneden; naar het zich laat aanzien, ontspannen. De grote schijnwerpers op de wachttoren laten de aanwezigen in het licht baden. Zelf zitten de soldaten hoog in het donker.

De sfeer is bijna gezellig, een feestje. Het valt me op hoe armoedig veel jongeren erbij lopen. Geen werk, geen geld. Er worden Palestijnse vlaggetjes uitgereikt. Mary en ik zwaaien ook mee, ik voel me als op een voetbaltribune. De Palestijnse politie wandelt ontspannen rond. Een ziekenauto van de Palestinian Medical Relief staat klaar.

Ruim een week geleden werd hier door het Israelische leger traangas verspreid en met rubber kogels geschoten. De meeste stenen op straat zijn opgeruimd. Maar er is toch een verborgen strijd voelbaar. Een jongen klimt over een muurtje omhoog naar een balkon. Iedereen kijkt naar hem achterom. Dan begint een andere shebab aan het echte werk: hij klimt verticaal, als Spiderman, langs de ijzeren poort omhoog om er bovenop een vlag te planten. Het lukt. Gejuich. Wij kunnen ook hoog gaan, is de boodschap.

Ik moet denken aan de nieuwe Kerst DVD uit Betlehem, waar een vrouw van het Bethlehem Soemoed vrouwenkoor het Magnificat naar een wachttoren toe opzingt, met een zinsnede met de strekking: “Kom omlaag van die troon!”

De jongeren dansen een wilde dabkeh, stampen hard, spingen hoog, gaan snel in de rondte. De spirit is als die van een flamengo. Zien we flikkerlichtjes van omlaag naar omhoog, richting die hoge wachttoren, alsof men wil zeggen: wij schijnen ook naar jullie terug?

We gaan terug naar huis, moeten vroeg op. Mary maakt me wakker met een brede lach. “Er hebben maar negen landen tegengestemd.” De VS, Canada, Tsjechie en Israel zijn in het trotse gezelschap van Melanesie en nog wat Pacific eilanden. Mary had spijt niet gebleven te zijn, gisteren, vooral om die enorme vlag te zien die later in de nacht werd uitgespreid. Buiten zegt ze met maar een beetje ironie mabrouk, gefeliciteerd, tegen de ka’ek-man, die het brood met sesamzaad verkoopt. Hij geeft ons de krant, die kopt met de uitdrukking van Mahmoud Abbas dat de stemming een “geboortecertificaat” voor Palestina is. Tamer vraagt of Israel nu weggaat uit Palestina. Eeen begrijpelijk misverstand.

‘s Avonds besluiten we ‘alazon, slak, te eten, dat kleine, langzame beestje. De kinderen vinden het heel lekker. Tamer gaat ‘s ochtends met rugzakje naar de club toe om zich met priester en non voor te bereiden op het vormsel. Het is mooi weer, een jas is niet nodig.

There are no comments. Add one!